- Home
- Veilig werken op de vluchtstrook
Veilig werken op de vluchtstrook
In reactie op ernstige ongevallen op vluchtstroken in 2023 hebben verkeersmaatregelenaannemers binnen de Vakgroep Specialistische Wegenbouw van Bouwend Nederland, samen met MKB Infra, Techniek Nederland, Cumela en VHG, afgesproken dat werkzaamheden op de vluchtstrook alleen plaatsvinden met aanvullende veiligheidsmaatregelen. Dit benadrukt het belang van veiligheid voor wegwerkers en vraagt om een gelijk speelveld, waarbij Rijkswaterstaat verantwoordelijkheid neemt voor veilige werkomstandigheden.
Oorsprong 2023
Naar aanleiding van een reeks ernstige ongevallen op vluchtstroken op autosnelwegen in 2023 is door de verkeersmaatregelenaannemers binnen de Vakgroep Specialistische Wegenbouw van Bouwend Nederland het initiatief ontstaan een statement op te stellen over het werken op de vluchtstrook. De samenwerking met MKB Infra, Techniek Nederland, Cumela en VHG is hieruit voortgevloeid.
Hierbij is de norm dat zo snel als mogelijk geen werkzaamheden meer op de vluchtstrook worden uitgevoerd, dan wel uitsluitend met aanvullende maatregelen. Hiermee geven we niet alleen een bredere invulling aan de Governance Code Veiligheid in de Bouw ‘Reductie aanrijdgevaar’ maar ook een duidelijk signaal af: dat de veiligheid van de wegwerkers randvoorwaardelijk is. Opdrachtgevers en -nemers hebben hierin samen een verantwoordelijkheid te nemen.
De brancheverenigingen vinden dat Rijkswaterstaat zo snel als mogelijk een level playing field dient te creëren. Werkzaamheden op de vluchtstrook zijn uitsluitend uit te voeren met aanvullende maatregelen en daarmee met de arbeidshygiënische strategie overeenkomen.
Juridisch kader
Wanneer we met een juridische bril naar ongevallen op de vluchtstrook kijken, zijn we snel geneigd om te toetsen aan de CROW-richtlijn 96a. Is er volgens de richtlijn gewerkt? Ja, figuur 430 is gebruikt en die mag voor stop & go-activiteiten worden gebruikt. De vraag daarbij is of de 1,10m vrije ruimte nog wel van deze tijd is. Sinds de jaren negentig zijn de vervoerskilometers namelijk met 40% gestegen terwijl de fysieke infrastructuur maar met 6% is gestegen. Het verkeer is dus veel drukker geworden. En ook de opkomst van de smartphone heeft er sinds 2010 voor gezorgd dat verkeersdeelnemers sneller afgeleid zijn.
Arbowet
De CROW 96a is een richtlijn, geen wet. De wet die van toepassing is, is de Arbowet. Daarin staat dat elke medewerker recht heeft op een veilige werkplek. Sinds 2017 is de arbeidshygiënische strategie opgenomen. Kort gezegd is dit de volgorde waarin een bedrijf maatregelen moet nemen om ervoor te zorgen dat medewerkers hun werk zo gezond en veilig mogelijk kunnen uitvoeren. De Governance Code heeft deze strategie vertaald naar het beleid Reductie Aanrijdgevaar (gc-veiligheid.nl). De eerste stap in de arbeidshygiënische strategie is dat werkgevers de bron van het risico moeten wegnemen. Als dit niet mogelijk is, moet de bron afgeschermd worden. Dat is op de vluchtstrook lastig. In een aantal gevallen kun je de weg afsluiten of achter een barrière werken. Deze maatregelen staan echter niet in verhouding tot het veilig plaatsen van een bord.
Dus stoppen met werkzaamheden op de vluchtstrook?
Dat is wel de eerste gedachte die er in de betrokken sectoren leeft. Maar zomaar stoppen met die werkzaamheden kan weer risico’s voor anderen opleveren. Niet vegen op vluchtstroken levert bijvoorbeeld een grotere kans op lekke banden op. Een storing aan de installatie voor Dynamisch Verkeers Management (DVM) niet verhelpen betekent dat weggebruikers meer risico lopen.
Hoe maken we de werkzaamheden dan veiliger? Daarvoor zijn er nog geen pasklare oplossingen beschikbaar. Maar ‘niets doen’ is geen optie. Ook wijzen naar Rijkswaterstaat is niet de oplossing, we moeten zelf ook actie ondernemen.
Van zowel bij de brancheverenigingen aangesloten bedrijven die werkzaamheden (laten) verrichten op de vluchtstrook als niet-aangesloten bedrijven wordt verwacht dat zij zich confirmeren aan de maatregelen zoals benoemd in dit statement en dit ook uitdragen.
Verder verwachten wij de medewerking van Rijkswaterstaat bij de eerste aanzet tot het toepassen van de arbeidshygiënische strategie. Naast de medewerking verlangen wij ook een proactieve rol van Rijkswaterstaat bij het vergewissen en/of het veilig uitvoeren van werkzaamheden. Naar aanleiding van een marktconsultatie van Rijkswaterstaat in november 2023 heeft Rijkswaterstaat inmiddels ook een aantal uitgangspunten gelanceerd voor het veilig(er) werken op de vluchtstrook. Een eerste stap in de goede richting is hiermee gezet. Rijkswaterstaat mag van de branche uiteraard ook een proactieve houding verwachten in het meedenken en aandragen van veilige(re) oplossingen.
In aanloop naar de norm ‘Niet meer werken op de vluchtstrook’ zijn nu al extra maatregelen nodig om kortstondige werkzaamheden op de vluchtstrook veiliger te maken. Deze extra maatregelen zijn gebaseerd op de arbeidshygiënische strategie en zijn aanvullend op de CROW Richtlijn 96a.
Vanaf 1 april 2025 zijn de maatregelen als volgt:
- A-weg met signalering en vluchtstrook (>3m). Matrix snelheid op 50 km/u, werkend actieraam en ‘digitaal zwaailicht’;
- A-weg met signalering en vluchtstrook (<3m). Aanliggende rijstrook afgekruist, werkend actieraam en ‘digitaal zwaailicht’;
- A-weg zonder signalering en brede vluchtstrook (>3m). Niet verantwoord om werkzaamheden op de vluchtstrook te doen*;
- A-weg zonder signalering en smalle vluchtstrook (<3m). Niet verantwoord om werkzaamheden op de vluchtstrook te doen*.
* Hierin dient de opdrachtgever (Rijkswaterstaat) haar verantwoordelijkheid te nemen om samen met aannemers een andere werkwijze te vinden. Het doel: geen incidenten of ongevallen meer op de vluchtstrook. Deze maatregelen zijn een eerste aanzet. Het vervolg is verder met alle stakeholders in gesprek te blijven en/of te gaan om verdere concrete acties in gang te zetten.
Voortgang 2024
Begin 2024 hebben Bouwend Nederland, MKB-Infra, Techniek Nederland, Cumela, Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners en Transport en Logistiek Nederland het statement ‘Niet meer werken op de vluchtstrook tenzij…’ afgegeven. Daarmee zeggen ondernemers in deze sectoren dat zo snel als mogelijk niet meer wordt gewerkt op de vluchtstrook zonder extra maatregelen. In februari 2024 hebben de betrokken brancheverenigingen vier informatiebijeenkomsten over dit statement georganiseerd.
Ongeveer 300 vertegenwoordigers van lidbedrijven hebben hieraan deelgenomen. Het interactieve deel van de bijeenkomsten leverde goede oplossingsrichtingen op waarbij we moeten opmerken dat het verplaatsen van dagactiviteiten naar de nachten of weekenden niet wenselijk is. Nachten en weekenden zijn vaak al volgepland en hierbij speelt het personeelstekort ook een rol. We moeten zoeken naar alternatieven dan wel het schrappen van bepaalde activiteiten op de vluchtstrook. Voor de activiteiten die echt moeten plaatsvinden, gelden dan de extra maatregelen.
De oplossingsrichtingen zijn gedeeld met Rijkswaterstaat die op haar beurt invulling heeft gegeven aan gezamenlijke werkgroepen. Deze bestaan uit medewerkers van de brancheverenigingen die het statement uitgebracht hebben en medewerkers uit diverse afdelingen binnen Rijkswaterstaat. Deze werkgroepen zijn in 2024 het gesprek aangegaan om de oplossingsrichtingen op haalbaarheid te bespreken.
Stand van zaken 2025
Door de gesprekken in 2024 komen wij tot de conclusie dat de materie complex is. Zo zijn er verschillende meningen over: ‘Wat is nu ‘veilig werken op de vluchtstrook?’’ en ‘Kan er überhaupt veilig gewerkt worden op de vluchtstrook aangezien het niet voor niets een vluchtstrook heet?”
Werkgroep ‘Verkeersmaatregelen per activiteit’ is voortvarend aan de slag gegaan over deze vraag en is al zes keer bij elkaar gekomen terwijl andere werkgroepen nog met de samenstelling worstelen. Toch boeken wij ook vooruitgang.
Binnen alle gelederen van zowel Rijkswaterstaat als de uitvoerende bedrijven wordt gesproken over veilig werken en invulling geven aan de arbeidshygiënische strategie. Zo zijn in 2024/2025 de eerste pilots uitgevoerd en geëvalueerd zoals:
GVO A15-asfaltonderzoek
Door het gedeeltelijk ontbreken van signalering is het niet mogelijk om de werkzaamheden met rijstrookonttrekkingen van de rijbaan te realiseren. De werkzaamheden op de vluchtstrook afschermen van het verkeer is als onrealistisch geclassificeerd. Vandaar dat de hoofdaannemer en het projectteam gekozen hebben voor een nachtafsluiting van in eerste instantie vier nachten waarin de onderzoeken zonder langsrijdend verkeer kunnen worden uitgevoerd.
De vervolgvraag is hoe men de verkeersmaatregelen dan veilig kan uitvoeren. Een groot gedeelte van de omleidingsroute verloopt via de A59 waar de signalering ook ontbreekt. Daarnaast is de vraag gesteld of de fysieke belasting voor de ‘bordenzetters’ wel afweegt tegen de korte duur van deze werkzaamheden. De reguliere omleiding over het hoofdwegennet moet volgen de CROW uitgevoerd worden met 171 borden.
Zowel de hoofdaannemer als het projectteam konden zich in deze zienswijze vinden en is er een alternatief plan opgesteld. Hierin zijn de meeste borden vervangen door veertien tekstwagens en een aantal DRIPS van RWS[Kv3]. In dit geval worden de omleidingen niet met routeborden aangegeven, maar wordt het verkeer via het hoofdwegennet afgewikkeld door middel van tekstwagens die op een veiligere wijze geplaatst worden. Op deze tekstwagens staan dan verwijzingen als ‘A59 richting Nijmegen dicht. Nijmegen: volg A27/A59 =>’.
In aanloop naar deze beslissing is een uitgebreide dialoog gevoerd. Het alternatieve voorstel is niet in overeenstemming met de CROW 96a-richtlijn zoals men in het (recente) verleden zouden hebben uitgevoerd. Het alternatieve voorstel is op basis van de arbeidshygiënische strategie en niet alle keuzes kunnen met cijfers of ervaringen worden onderbouwd. Om die reden is er ook een monitoringsplan opgesteld en zal de pilot worden geëvalueerd.
A28 Vathorst – Hoevelaken
Pilot met gebruik van navigatie beïnvloeding i.p.v. statische bebording
Deze pilot is positief verlopen. Het is vast komen te staan dat de hoeveelheid verkeer, op de snelweg waarover de navigatie de omleidingsroute aangaf, met 50% is toegenomen. De weggebruiker laat zich dus leiden door zijn navigatiesysteem. Op deze omleidingsroute waren geen statische verwijzingen aangebracht waardoor deze toename geheel aan de navigatiebeïnvloeding toe te schrijven is.
GO A15
Gebruik MobiLights i.p.v. vaste lichtmasten
Mobile verlichting mag volgens CROW WIU maximaal één nacht op dezelfde locatie gebruikt worden. Omdat plaatsen van vaste lichtmasten werkzaamheden op de vluchtstrook met zich meebrengt, is de pilot ‘weekendgebruik mobile verlichting’ opgestart. Tijdens deze pilot zijn cube lights tijdens het gehele weekend in werking gebleven. Deze pilot is succesvol verlopen.
Stand van zaken 2026
|
Verkeersmaatregelen die de veiligheid verhogen: opbrengsten van werkgroep 3
Hoe zorgen we ervoor dat wegwerkers veilig hun werk kunnen doen op de vluchtstrook? Dat was de centrale vraag voor werkgroep 3, die zich richtte op verkeersmaatregelen per soort activiteit in relatie tot de huidige CROW-richtlijnen. Na acht intensieve werksessies ligt er nu een reeks voorstellen die niet alleen de veiligheid verhogen, maar ook zorgen voor meer eenduidigheid en innovatie in de uitvoering. Een nieuwe standaard voor werkvoorbereiding Slimme indeling van werkzaamheden Alle werkzaamheden zijn ingedeeld in zes groepen, gebaseerd op duur van de individuele werkzaamheden en blootstellingsduur van de wegwerker gedurende de dag. Per groep wordt expliciet verkeersmaatregel (CROW-figuur) voorgeschreven op basis van de aanwezigheid van signalering en breedte van de vluchtstrook. Deze indeling maakt het mogelijk om verkeersmaatregelen beter af te stemmen op het risico en de tijdsduur van de werkzaamheden. Verschillende werkzaamheden verschuiven hierdoor naar groepen met zwaardere maatregelen, wat direct een veiligheidswinst oplevert. Voorbeeld: tijdelijke bebording Zo werd het plaatsen en verwijderen van tijdelijke bebording voorheen vaak uitgevoerd onder de Stop & Go-maatregel (CROW figuur 430), maar de werkgroep heeft bepaald dat deze werkzaamheden niet kort genoeg zijn om als Stop & Go te worden beschouwd. Daarom schuiven ze naar groep 4 (vele kortdurende statische werkzaamheden), waar zwaardere verkeersmaatregelen gelden, zoals een rijdende afzetting (figuur 420) en aanvullende veiligheidsmaatregelen zoals smalle botskussens en verhoogde actieramen. Door deze verschuiving wordt de blootstelling van wegwerkers aan verkeer aanzienlijk verminderd. In plaats van werken met één voertuig en minimale afzetting, komt er een robuuste afzetting die beter zichtbaar is voor weggebruikers en extra fysieke bescherming biedt. Extra veiligheidsmaatregelen Voor groepen met het hoogste risico zijn aanvullende maatregelen voorgesteld. Denk aan smalle botskussens en verhoogde actieramen bij rijdende en kortdurende statische werkzaamheden, het verkleinen van tussenafstanden tussen werkvoertuigen en het tonen van snelheidsbeperkingen (90-90-70) bij kortdurende werkzaamheden. Deze maatregelen worden eerst getest in pilots voordat ze worden gestandaardiseerd. Innovatie en automatisering De werkgroep ziet verder grote kansen in automatisering om de blootstelling van wegwerkers te verminderen. Voorbeelden zijn geautomatiseerd reinigen van wegmeubilair en maaien en inspecties met drones. Ook wordt een innovatietraject voorgesteld voor een volgsysteem voor een tweede voertuig en het verminderen van handmatige plaatsing van tijdelijke bebording. Onderzoek naar tijdelijke bebording “Veiligheid begint bij duidelijke keuzes aan de voorkant. Met deze aanpak maken we de keuze voor de verkeersmaatregel expliciet en wordt het werk op de vluchtstrook aantoonbaar veiliger.” Jurgen Koppen, voorzitter Werkgroep 3.
Meer informatie? Dan kan je terecht bij het projectteam van RWS of de uitvoerende aannemer. Zie voor achtergrond informatie de berichten over dit item onder Nieuws |
Help mee: Meld je pilot projecten!
Wil jij andere bedrijven helpen veiliger te werken? Deel jouw pilot projecten en praktijkervaringen met ons.
